Post Tagged ‘stoer’

Onlangs hoorde ik het fantastische nummer “The Wanderer”. Geschreven door Bono, gezongen door Johnny Cash. Ik luisterde naar de (naar mijn mening) mooiste uitvoering, die van U2 zelf. Bono zingt, The Edge (de gitarist ) op backing vocals. Ik heb een link bij gevoegd, kun je zelf luisteren. (https://youtu.be/MO8DtcW6yAc) In het derde couplet hoorde ik een zin die me aansprak. En me ogenblikkelijk aan de huidige motorwereld deed denken. “They all want the kingdom but they don’t want God in it”. Mijn vrije vertaling: ”Ze willen allemaal de hemel maar ze willen er niks voor doen.”

Nu ben ik geen gelovig mens. Maar die ene zin bleef hangen. “They all want the kingdom, but they dont want God in it”  Het deed me denken aan de huidige motorwereld. Waarin elke knuppel met een motor een stoer uitziend motorclubje kan beginnen. Niks mis mee, laat ieder lekker doen wat hij wil.

Maar wat mij dan tegen staat is dat heel veel (en beslist niet allemaal) clubnamen en -colours kiezen die rechtsreeks gejat lijken van de Old School motorclubs. Clubs waar je nog Old School moest ‘werken’ om je colours te verdienen. Waar je ze niet zomaar cadeau kreeg en waar je niet je colors via Internet kon bestellen bij een aftands naai ateliertje in Pakistan of zo. Prospecten en hangaround was voor jezelf. Om te zien of je het naar je zin had in die club. En voor de club om te zien of je tussen die mannen paste. Want FOREVER WAS NOG FOREVER. Er was vroegâh een raad van 8. Met afgevaardigden van de in die tijd acht grootste motorclubs. Die raad bestond om eventuele problemen op te lossen die onderling zouden kunnen ontstaan. De raad was voor onderling overleg. Dat feesten en ritten niet tegelijk op dezelfde dag werden gehouden. Dat niemand met de naam van de clubs kon pronken en geen lid zijn. Er werden onder meer bad standings doorgegeven, zodat iemand met bad standing bij de ene club niet een dag later grijnslachend bij de volgende club binnen kon lopen. (In deze tijd gebeurt dat zonder enige schaamte toch.) In die tijd, als je al het lef had om als je een BS had, te praten met een andere club kreeg je een paar oorvijgen en de welgemeende boodschap dat bad standing, dan ook bad standing is. In de hele motorwereld. Nog even dan de uitleg van BS.

Bad standing was en is niets anders dan royement op staande voet. Ontslag om dringende redenen. Niks bijzonders, zoiets kom je overal tegen. Als iemand steelt moet hij het gestolene terugbetalen. Als hij iets stukmaakt moet hij reparatie of vervanging betalen. Dat moet bij een motorclub maar ook als je politie agent of gemeenteraadslid bent. En je gaat eruit zonder getuigschrift.

In de wet zijn overigens een aantal voorbeelden van mogelijke dringende redenen genoemd:

  • Diefstal, verduistering, bedrog of fraude;
  • Ongewenste intimiteiten of intimidatie;
  • Dronkenschap of drugsgebruik, maar pas op dat het geen verslaving is;
  • Mishandeling of ernstige bedreiging;
  • Ernstige leugens of bedrog;

Allemaal redenen om iemand “bad standing” te geven. Geen verdienmodel, geen afpersing maar gewoon het verwijderen/royeren van iemand die niet meer in de groep kan om ‘dringende redenen’ zoals de wetgever zelf beschrijft.

Vaak stijgt de leiding van zo’n pop up achterkamer clubje de ‘macht’ naar het hoofd. Volgehangen met patches waarop de meest bijzondere titels staan denken ze herkenbaar te zijn als leider van een groepje ‘stoere motorrijdende booskijkers.’ En dat ze respect hebben gekregen op het moment dat ze hun zelfgemaakte titels op hun vesje naaiden. Originele sons of fried air.  De patches maken de man denken ze. Ze willen de mannen zijn waarvoor ze vroeger een stapje opzij gingen. Waar ze zacht en vol respect over spraken. Maar ze willen niet het werk doen dat die mannen deden en samenbracht tot een hechte stevige vriendengroep. Ze stelen het met bloed, zweet en (soms) tranen en het zuurverdiende respect dat old school bikerclubs tot hechte MC’s maakte. Ze nemen de namen en colors van bestaande clubs, kleden zich op dezelfde wijze als old school (club)leden en gaan de weg op met ”booskijken en lawaaimaken”. Intimideren automobilisten en oude dametjes, zuipen en vechten als hersenlozen. Wheelies makend, scheurend over vluchtstrook en witte lijnen tussen files door voelen ze zich wat ze niet zijn.

Ze willen de hemel. Maar ze willen er geen donder voor doen.

Geniet zonder limiet.
Vandaag kan je laatste dag zijn.

Robert Hageman.

Stoer! Als je een motor onder je reet hebt ben je stoer! Een badass, toughguy, steelman! Of je nou 1 keer per jaar een rondje om de wijk rijdt of elke dag door weer en wind op je bike, maakt niet uit. Je hebt een motor en je bent een badass. Je draagt dan ook nog eens een leren jassie, paar speldjes erop, laarzen (ow…laarzen, da’s helemaal  vet stoer!) en (jaja) een stoerbandana om je hoofd. En je bent klaar voor de grote uitdaging. JIJ ben een biker! Stoer, sterk en keihard. Maar… niemand die het ziet als je niet op je motor zit. Op je werk, op kantoor, de collega’s, de kantinemeisjes en de mensen uit het magazijn, niemand die ziet dat jij zo’n “toughguy” bent.  Als je al tattoo’s hebt, komen die meestal niet onder de mouwen van de overhemd of colbert uit en dan nog, tattoos heeft iedereen tegenwoordig. Maar een motor…. Dan ben je stoer.

Dus start je een Feesboek!! Ehhh pardon, facebook. En daar zet je dan foto’s van jou op je motor. Op stoere plekken. Op een terras met andere stoere motorrijders. Of, als je durft, op een bikerfeest of op de big twin in rosmalen, in de hal waar de clubs komen.  En… je verzamelt allemaal stoere kreten die anderen gemaakt hebben. En die ga je “liken” en delen. Supportkreten van allerlei clubs zet je op je peesboek. En posters van bikerparties en foto’s van tattoos. Jij laat zo even aan je hele groep stropdas vrienden zien wie jij bent.  Je bent stoer want je kreten zeggen stoere dingen, je hebt vrienden bij clubs want je hebt foto’s van clubs gedeeld. Je hebt een hele peesboek vol met bewijzen die je een soort publieke toughguy maken. Want op je peesboek is het duidelijk. “You dont’t give a shit” “Fuck everyone” of “if you don’t like my attitude, you can unfriend me” . IK BEN STOER, ONAFHANKELIJK EN DAT ZEG IK OP PEESBOEK!

SHIT! BULLSHIT! Al dat stoere gezeik op die sociale media maken je nooit wat je wilt zijn. Wie je bent leef je, ben je, adem je, pis en scheit je. Je eet, drinkt en ademt wie je bent. Als je binnenkomt word je herkend door medemensen die leven als jij. Zonder woorden, zonder kreten, zonder patches en zonder speldjes. Hell, je hoeft er niet eens een motor voor te hebben. Al dat geblèr over stoerheid op peesboek, dat gebrul in de ruimte, met plaatjes laten zien wie je denkt dat je bent… gebakken lucht! De hele virtuele wereld mag, nee moet lezen wat je doet.  Maar beste vriend(in), ben je echt wie jij zegt dat je bent? Ben je die keiharde die op je peesboek staat?  Of gooi je jouw tegenstander dood met kreten en stickers.  Is het van levensbelang om steeds je peesboek vol te smijten met allerlei kreten die je op je werk of in de supermarkt niet zou gebruiken? Moet je daar creëren wie je had willen zijn. Moet je jezelf als etalagepop, als karikatuur aanbieden op allerlei sociale media? Of kun jij gewoon zijn wie je bent. Jezelf zijn, zonder brallerig geschreeuw en patserige plaatjes. Is dit de nieuwe wereld?  Een wereld van plaatjes en stoere spreuken. Word je straks afgerekend op hoeveel spreuken en plaatjes je in je leven had? Of word je afgerekend op wie je werkelijk was en wat je daadwerkelijk hebt gedaan. Volg jij wegen of maak jij je eigen paden?

Je peesboek vol stoere kreten, je staat geweldig voor lul zeg.  Doe gewoon. Wees jezelf, geen opgeblazen karikatuur van wie je had willen zijn.

Je kunt nooit vliegen als een adelaar, als je geen adelaar bent.